CJUE — 20 mars 2018
- ECLI
- ECLI:EU:C:2018:192
- Date
- 20 mars 2018
Mes notes
privées · visibles par vous seulRésumé structuré
version préliminaireFaits
Non déterminable à partir du texte fourni.
Procédure
Non déterminable à partir du texte fourni.
Question juridique
Non déterminable à partir du texte fourni.
Solution
source officielleArrest van het Hof (Grote kamer) van 20 maart 2018.#Enzo Di Puma tegen Commissione Nazionale per le Società e la Borsa (Consob) en Commissione Nazionale per le Società e la Borsa (Consob) tegen Antonio Zecca.#Verzoeken van de Corte suprema di cassazione om een prejudiciële beslissing.#Prejudiciële verwijzing – Richtlijn 2003/6/EG – Handel met voorwetenschap – Sancties – Nationale wettelijke regeling die voorziet in een administratieve sanctie en in een strafrechtelijke sanctie voor dezelfde feiten – Gezag van gewijsde van een onherroepelijk geworden strafrechtelijke uitspraak voor de administratieve procedure – Onherroepelijke strafrechtelijke uitspraak houdende vrijspraak van handel met voorwetenschap – Doeltreffendheid van de sancties – Handvest van de grondrechten van de Europese Unie – Artikel 50 – Beginsel ne bis in idem – Strafrechtelijke aard van de administratieve sanctie – Bestaan van een en hetzelfde strafbare feit – Artikel 52, lid 1 – Beperkingen die aan het beginsel ne bis in idem zijn gesteld – Voorwaarden.#Gevoegde zaken C-596/16 en C-597/16.
Analyse IA non disponible
Générez un résumé intelligent de cette décision
Texte intégral
Arrest van het Hof (Grote kamer) van 20 maart 2018.#Enzo Di Puma tegen Commissione Nazionale per le Società e la Borsa (Consob) en Commissione Nazionale per le Società e la Borsa (Consob) tegen Antonio Zecca.#Verzoeken van de Corte suprema di cassazione om een prejudiciële beslissing.#Prejudiciële verwijzing – Richtlijn 2003/6/EG – Handel met voorwetenschap – Sancties – Nationale wettelijke regeling die voorziet in een administratieve sanctie en in een strafrechtelijke sanctie voor dezelfde feiten – Gezag van gewijsde van een onherroepelijk geworden strafrechtelijke uitspraak voor de administratieve procedure – Onherroepelijke strafrechtelijke uitspraak houdende vrijspraak van handel met voorwetenschap – Doeltreffendheid van de sancties – Handvest van de grondrechten van de Europese Unie – Artikel 50 – Beginsel ne bis in idem – Strafrechtelijke aard van de administratieve sanctie – Bestaan van een en hetzelfde strafbare feit – Artikel 52, lid 1 – Beperkingen die aan het beginsel ne bis in idem zijn gesteld – Voorwaarden.#Gevoegde zaken C-596/16 en C-597/16.
Citations
Aucune citation répertoriée pour cette décision.
Décisions connexes
Aucune décision similaire identifiée pour le moment.
Synthèse
- Juridiction
- CJUE
- Date
- 20 mars 2018
- Matière
- droit européen
Référence
ECLI:EU:C:2018:192
Données disponibles
- Texte intégral
- Résumé officiel